Neuro-chemische theorie
De neuro-chemische theorie stelt het volgende: gevoelens worden in onze hersenen opgeslagen in het limbische deel van de hersenen – de amygdala- dat ook onze primaire oer-reacties regelt (vechten, vluchten of bevriezen in noodsituaties). Voor de opslag van angst is de stof glutamaat nodig.
In de romp zitten een aantal grote zenuwknopen van het autonome zenuwstelsel. Deze zenuwknopen zorgen voor de bekende gevoelens en lichamelijke sensaties (als vlinders in de buik, het ‘omdraaien van de maag’, koude, warmte, samentrekken, druk, steek, spanning, etc) in de buik, maag, hartstreek en keel. Dit deel van het zenuwstelsel slaat allemaal herinneringen en ervaringen op en communiceert deze met het limbische deel van de hersenen via een grote zenuwbaan.

Tijdens EFT roep je het gevoel op dat je los wilt laten en klop je op specifieke punten op je lichaam. Deze punten staan door middel van chemische receptoren in verbinding met het limbische deel van de hersenen. Het oproepen van het gevoel zorgt er voor dat in de hersenen glutamaat vrijkomt en het kloppen zorgt voor het vrijkomen van gamma-aminoboterzuur. Dit boterzuur doet serotonine vrijkomen. Samen zorgen het boterzuur en de serotonine er voor dat het glutamaat niet (meer) wordt opgeslagen. Op deze manier lost een gevoel als angst op.
Vrij vertaald uit: "WHY TAPPING WORKS - A SENSE FOR HEALING": The Neurobiological Basis of Peripheral Sensory Stimulation
for Modulation of Emotional Response
Ronald A. Ruden, M.D., Ph.D. Healing the Mind, March 2005
Via deze link is het volledige, oorspronkelijke artikel te lezen (Engels).